Ile de Gorée: ile adorée

Gorée: betoverend en gezellig

Eén avond Gorée en op bezoek bij familie en het leven is zoals het moet zijn. M’n schoonmoeder, schoonzus en schoonnichtje hadden één van mijn favoriete maaltijden gemaakt: verse vissen op z’n Senegalees en salade met tomaat en huisgemaakte patat. Mijn voornemen om geen baguette (goedkoop witbrood zonder voedingswaarde of vezels) te eten, viel meteen in duigen. Hoe moet je anders je salade eten zonder bestek?

Zoals altijd de zoete inval op de kleine binnenplaats van Mère. Zo gezellig! Ziet het eruit, want ik volg vrijwel niks van de conversaties. Na het eten, ver na zonsondergang, even ter avondwinkel. Water, koffie, suiker. Voor morgenochtend. Ibrahim vroeg in het loketje of men koffie, Nescafé, verkocht. Jazeker! Zelfs cappuccino. 100 cfa (15 cent) per 1-kops zakje. Laten we gek doen en 10 zakjes nemen. Krijgen we kwantumkorting: 1 euro. En is de voorraad in 1 klap op.

’s Nachts voelt Gorée een beetje on-aards. Heel veel volk buiten, kraampjes met oma’s die pinda’s en fruit verkopen vol in bedrijf. En een hele aparte stilte door geen auto’s en dat soort geluidvervuiling. Nou ja, alleen het geluid en de geur van een LNG tanker die tussen hier en Dakar voor anker ligt die de elektriciteitscentrale in de haven van Dakar voorziet van vloeibaar gas.

Gorée: toeristisch hoogtepunt en historisch dieptepunt

Gorée is een prachtig klein eiland vlak voor de kust van Dakar, nog geen 20 minuten varen vanuit de haven van Dakar. Het is een toeristisch hoogtepunt van West-Afrika, maar een historisch dieptepunt. Vandaag de dag is het super vredig en rustig, ook omdat er geen verkeer is, maar vroeger was het een belangrijk centrum van de Afrikaanse slavenhandel. Omdat de koloniale architectuur zo fraai is en vanwege de verschrikkelijke geschiedenis, staat Gorée op de werelderfgoed lijst van UNESCO.

Slavernijverleden

Het slavernijverleden voelt vergeten in het dagelijks leven van de bewoners. Maar iedereen kent de geschiedenis en iedereen kan je rondleiden langs gebouwen die destijds een rol speelden. In het fraai gerenoveerde Maison des Esclaves zijn een museumpje en gedenkplaats ingericht. Iedereen kent het verhaal dat gidsen hier vertellen. Daar heb je helemaal geen dure gids uit Dakar voor nodig.

Die donkere, duistere kerkers met krappe lucht- of lichtspleten van nog geen decimeter breed, waar slaven soms maanden op elkaars lip zaten. In afwachting van hun lot. Hun laatste voetstappen in Afrika, voordat ze door die ene deur, de ‘deur zonder terugkeer’, een vrachtschip in gebonjourd werden. Ik hou het er nog steeds niet droog.

Gorée en haar bewoners

Terecht. Als je denkt aan het lijden van zoveel Afrikaanse mensen. En als je je probeert voor te stellen hoe wij destijds, Europeanen van de West-Indische Compagnie, meenden dat je zo kon omgaan met medemensen. Maar in werkelijkheid was Gorée misschien, of waarschijnlijk zelfs, helemaal niet zo’n belangrijke doorvoerhaven in de slavenhandel. Waarschijnlijk was het fraai gerenoveerde Maison des Esclaves geen slavendepot, maar de woning van een signare, een welgestelde dame van gemengde Frans-Senegalese komaf. Want die slavenhandelaren trouwden vaak met zo’n mooie lokale schone. En die kregen samen dan vaak hele mooie kinderen én in één klap veel aanzien. En op die geschiedenis, die van huwelijken tussen WIC’ers en Senegalezen, zijn de Goreanen van vandaag trots: elk jaar tijdens Mardi Grass (carnaval) verkleden de meisjes zich graag als signare. En dan zien ze er werkelijk prachtig uit.

Lees meer over de ‘signares’ in mijn blog Keti koti kunst.

Gorée: architectuur

Elk gebouw op Gorée speelde toentertijd een rol. Nieuwbouw is er niet – op één gebouw na: de ambtswoning van de huidige burgemeester. De meeste gebouwen tonen met een beetje fantasie de welvaart van de slavenhandelaars van weleer. Die fantasie is nodig, want de meerderheid van de gebouwen verkeert in vervallen staat. Je hebt dan weer weinig fantasie nodig om je voor te stellen dat die burgemeester met dat mooie nieuwe pand op de kop van de haven de subsidie van UNESCO niet in de eerste plaats besteedt aan onderhoud van de monumenten op zijn eiland.

Dat is extra wrang omdat al die eens fraaie panden worden bewoond. Door mensen die na de onafhankelijkheid uit het drukke Dakar zijn verhuisd. Als een soort antikrakers. Omdat de woningen van deze Senegalezen op veel plekken op instorten staan, wordt bewoning steeds gevaarlijker. Men ligt in de clinch met de burgemeester en eist onderhoud. Ondertussen weet niemand waar hij aan toe is, of er een toekomst is op Gorée. Want de monumenten waar vroeger rijke handelaren en hun vrouwen woonden, kosten vandaag de dag, hoe vervallen ook, tonnen. Dus de geschiedenis herhaalt zich: alleen rijke mensen kunnen zich zo’n vakantiehuis, of AirBnb-pandje veroorloven…

Lees wat de website van de UNESCO Werelderfgoedconferentie meldt over Gorée.

UNESCO-werelderfgoed – op papier

Ik denk dat de UNESCO zich rot zouden schrikken van de staat van hun werelderfgoed. Het zou mij niet verbazen als zij zeker sinds 1979 geen werkbezoek meer hebben gebracht aan hun erfgoed-site in de Baai van Dakar. Ik lees: “In 1979 werd bij besluit een comité voor bescherming opgericht, bestaande uit alle betrokkenen, om toe te zien op de naleving van het Verdrag (conformiteit van de saneringswerken, veiligheid van het eigendom, enz.). Een besluit tot aanstelling van een locatiemanager is opgesteld en wordt momenteel goedgekeurd.” Wáár is die ‘locatiemanager’?

Fotogeniek is al het verval wel. Toch hoop ik dat de burgemeester gauw z’n biezen pakt!

@Loïs Diallo: 19 januari 2023

Deel het artikel

Volg mij op

Laat een reactie achter

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Lees alle blogs