Interetnische interactie in multiculturele samenleving

Een kil etnokitsch zalencentrum in Amsterdam Osdorp, maar een hoog doel: stemmen. Op oogverblindend glanzende marmerachtige plavuizen een diversiteit aan klaptafeltjes. Aan de ene kant een rij met erachter de Senegalese officials; elk met een taakje in het stemproces. Aan de verre overkant een rij tafeltjes met daarop 19 stapeltjes flyers met foto’s van de 19 kandidaten. De stembiljetten. In de hoek een kamerscherm. Het stemhokje. Ertussenin een statafel met daarop een transparante begleufde IKEA opbergbox. De stembus. Senegalezen druppelen binnen, groeten elkaar beleefd, dus uitgebreid, en beginnen de te doen gebruikelijke gesprekjes. Op één man na.

De rijzige man is bijzonder uitgedost. Een hoofd vol grijze dreadlocks, een hoeveelheid gestapelde gekleurde lange, wijde boubous boven een wat wij een ‘drollenvanger’ zouden noemen. En teenslippers. Let wel: het is buiten ijzig koud en het regent dat het giet. Bij binnenkomst negeert hij mij, maar ook alle Senegalezen die ingetogen opgewonden wachten op hun stem-beurt. In de zaal loopt de man zonder oogcontact te maken langs de tafels met officials, toont zwijgzaam de gevraagde documenten, neemt de instructies stil in ontvangst en laat zijn vinger gewillig dippen in fuchsia anti-dubbel-stemmen inkt. Doelgericht steekt hij de zaal over, passeert de tafels met de flyers, kiest er zoals dat hoort 5 uit en neemt een envelop van de laatste stapel. Dan verdwijnt hij achter het kamerscherm. Enige tijd later vertoont hij zich weer. Sereen loopt hij naar de stembus. De gesloten envelop met het stembiljet van zijn keuze laat hij in de gleuf vallen, de overige flyers gooit hij in de prullenbak ernaast. Ook als hij de zaal uitloopt, de trap af, het gebouw uit, maakt hij geen contact. Vragend beschouw ik de mannen en vrouwen die nog in de rij staan. De voorste treedt de stemzaal binnen. Groet de officials achter de klaptafels enthousiast. Het eerdere geroezemoes zwelt terug aan.

Op de terugweg informeer ik bij Ibrahim wie die zwijgzame man was. ”Geen idee,” luidt het antwoord. Waarom groette hij niemand en niemand hem? “Zo zijn die mensen.” Welke mensen? “Toucouleur.”

Ik denk terug aan een voorval op het Afrikafestival in Hertme. Daar kreeg Ibrahim het aan de stok met een landgenoot die zonder de gebruikelijke beleefde groet op onbeschofte wijze een kraam naast ons claimde, eiste dat wij zouden inschikken en met zijn vrouw hoogst beledigende taal uitsloeg (begreep ik achteraf). E.e.a. schoot Ibrahim volstrekt in het verkeerde keelgat. Hij ontplofte. Ik schrok me dood; had hem nog nooit boos gezien. Dacht dat hij de buurman serieus op de bek zou slaan. Ik probeerde hem tegen te houden. Het koppel maar schelden en tieren. Wat ik ook probeerde, ik kreeg mijn man laat staan onze buren niet bedaard. Er moesten heel wat landgenoten aan te pas komen om te voorkomen dat het uit de hand liep.

Ook de scene daarna was vervreemdend. Alle toegesnelde landgenoten kalmeerden en troostten Ibrahim, de ruziezoekers dropen af en concentreerden zich op de opbouw van hun kraam met zo te zien Chinese ceintuurs. Toen Ibrahim zover was om onze kraam in te richten, hing hij om te beginnen een plastic landbouwzeil op tussen onze en de buurkraam. Hij was bang dat hij de buurman en/of -vrouw anders alsnog zou aanvliegen. Lang verhaal kort: dit koppel kwam net als de rijzige man in Amsterdam Osdorp uit het hoge noorden van Senegal: de Sahelregio aan de grens met Mauretanië. Daar leven de oudsher nomadische Toucouleur, die vandaag de dag meest van de landbouw leven. Op woestijngrond… Ze zijn bovengemiddeld conservatief, bovengemiddeld arm en bovengemiddeld strenge moslims, op het fanatieke af. De relatie tussen hen en overige Senegalezen, met name de dominante bevolkingsgroep, Wolof, is complex. Veel Toucouleur zijn de droogte en armoede ontvlucht richting het westen van Senegal, maar voelen zich economisch achtergesteld en ervaren dat andere Senegalese groepen zich superieur voelen. En misschien is dat ook wel zo, tenminste een beetje. Alle tolerantie ten spijt.

Gastvrijheidsethos

Senegal, ‘het land van Teranga’; het land van de gastvrijheid, maar meer dan dat: ‘teranga’ drukt een diepe waardering en respect voor anderen uit, ongeacht hun achtergrond of afkomst. Wederzijds respect, tolerantie en solidariteit tussen verschillende gemeenschappen zijn diep gewortelde waarden. Eén van de fundamentele pijlers van de Senegalese identiteit. Dit ethos van gastvrijheid bevordert de sociale cohesie en harmonie binnen de diverse etnische en religieuze groepen. Senegalezen zien ‘teranga’ als hun unique selling point op het wereldtoneel.

Mede dankzij de op Senegalese basisscholen onderwezen visie van de in 1986 overleden geleerde/wetenschapper, historicus, antropoloog, panafrikanist en politicus Cheikh Anta Diop zijn Senegalezen bijzonder trots op hun teranga én Afrikaanse roots. Diop zag Afrika als een verenigde entiteit, waarin de diverse culturen en volkeren samen een rijke en machtige Afrikaanse erfenis delen. Die visie versterkt de nationale identiteit en trots onder Senegalezen tot op de dag van vandaag. Want de winnaars van de verkiezingen en huidige panafrikaanse regering treden in Diops voetsporen.

Meer over Diop en het Panafrikanisme lees je in mijn blog Afrika zit in de lift.

Multiculti ten top

Senegal herbergt een grote verscheidenheid aan etnische groepen en is een levendige culturele mix. Elke groep heeft zijn eigen taal, tradities en sociale structuren. Maar teranga of niet, veel Senegalese etnieën stereotyperen andere etnieën graag. Veel bevolkingsgroepen leven in goede harmonie samen. De meeste mensen spreken verschillende (Afrikaanse) talen. Verschillende religies wonen vreedzaam naast elkaar. Een uniek sociaal smeermiddel helpt om verschillen te overbruggen: scherts. Vrolijke plagerijtjes. Humor om te lachen.

Ibrahim is half Peul, half Djola. Is trots op beide achtergronden. Zijn vrienden zijn Wolof, Serer, Djola en meer. Ons huis staat in een Serer-dorp. Serer zijn een mooie mix van traditioneel en modern. En spiritueel. Daarvoor worden ze breed gerespecteerd. In die context benadrukt Ibrahim graag dat hij Djola is. Serer hebben ontzag voor Djola. En hun bijzondere spirituele krachten. Ons terrein is niet voor niets ingezegend door een Djola-marabout en Djola-rituelen.

Meer over Djola lees je in mijn blog Over de Djola, heilige bomen en grisgris.

Spot

Men spot en lacht wat af. In eigen land. In de diaspora heerst er tegenwoordig minder gevoel saamhorigheid. Ik proef veel kinnesinne. Weinig behulpzaamheid. Ieder voor zich en Allah voor ons allen. Binnen Senegal groeit de sociale cohesie juist. Niet in het minst omdat de politieke situatie een grote meerderheid inspireert en nieuwe vertrouwen in de toekomst geeft.

Economische en politieke integratie

Inmiddels zijn de verschillende gemeenschappen geïntegreerd in de economische en politieke structuren van het land. Participatie in het politieke proces staat open voor alle groepen en economische kansen zijn relatief gelijk verdeeld. Maar er zijn nog steeds regionale verschillen.

Voor de nieuwe regering Diomaye-Sonko staat de multiculturele en multireligieuze samenleving hoog in het vaandel, evenals participatie en sociale integratie.

In mijn blogs houd ik jullie graag op de hoogte van de vorderingen van de nieuwe regering.

@Loïs Diallo: 29 april 2024

Deel het artikel

Volg mij op

Laat een reactie achter

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Lees alle blogs