Tijdrovende tradities, nationale trots

Valt er iets te vieren? Dan schaft de pot 9 van de 10 keer thieboudienne. Het is dé nationale schotel van Senegal. ‘Thiep’ is een rijk rijstgerecht dat wordt geserveerd met vis en hele of halve groenten, zoals wortelen, aubergines en kool. Een populair feestmaal, ook omdat Senegalezen veel en vaak feestjes vieren. Trouwerijen, baptêmes (doopfeestjes van pasgeboren kinderen), religieuze vieringen, maar ook de aankomst van een gast. Thiep is een teken van respect, genegenheid en gastvrijheid in het algemeen. En ozo smaakvol!

Eén voor één

Thiep is behoorlijk bewerkelijk. Het bestaat uit verschillende componenten die apart worden bereid voordat ze op één grote schotel worden samengevoegd. De belangrijkste reden om de componenten apart te bereiden, is de keuken. Ik heb zelden een fornuis waargenomen in een Senegalese keuken. De meeste mensen hebben een gasfles, dus één pit. Ik heb ook zelden een aanrecht gezien. Wel: stapels aluminium schalen en pannen in alle soorten en maten. En aardappelmesjes. Niet: snijplanken. Geen: vleesmessen. Men placht alle groenten, ook uien, in de hand de schillen, pellen en snijden. Gezeten op de grond, hooguit op een klein krukje.

Culinaire kunst

De rijst wordt gekookt in een bouillon van tomaten en uien en op smaak gebracht met kruiden en specerijen zoals cayennepeper, tijm en laurierblad. Dit op zich is al bewerkelijk, omdat de bouillon langzaam moet worden gekookt om de smaken goed te laten mengen. De vis, kip of het vlees wordt meestal gevuld met ui, knoflook en kruiderij en als pakketje gestoomd of gebakken. De gekruide groenten worden één voor één in z’n geheel gestoofd of gebakken in een aparte pan. Als alles gaar is, worden vis, kip of vlees en groenten zorgvuldig op de rijst gelegd en het kookvocht nog zorgvuldiger druppelsgewijs over de schotel verdeeld.

Familietraditie en -trots

In vrijwel elke familie zijn het de vrouwen die koken. Jong en oud. Ik ken geen enkele vrouw, geen enkel meisje van boven de 15, die geen heerlijke thieboudienne kan bereiden. Elke familie serveert vol trots hun heerlijk riekende thiep aan hun gasten. En als veelvuldig gast geniet ik volmondig van deze nationale en familiale trots.

Een win-win-situatie: de familie geniet, de gast geniet. Een kleinigheidje: de vrouwen van de familie hebben de halve dag met z’n allen in de keuken gestaan om de gast(en) én de mannen van de familie te verwennen. In geval van mijn schoonmoeder: die eet geeneens mee, neemt in de gang genoegen met wat aangebakken restjes. Dat moet zo, als je echtgenoot is overleden, ook al is dat 15 jaar geleden. Dat neemt niet weg dat ook zij oprecht geniet, van ons genot en ogenschijnlijk ook van haar eigen lot.

Datzelfde geldt voor mijn schoontantes buiten Dakar en in de Casamance, schoonzussen en hun dochters, schoonnichten: allemaal enthousiaste keukenprinsessen die de familietradities hoog willen houden. Allemaal vol lof over de kookkunsten van hun moeders, oma’s, tantes. Over een enkele schoonzus wordt gegniffeld dat ze niet goed kan koken, of gelachen dat ze de peper niet kan doseren.

Dagtaak: koken en afwassen

Thiep mag tijdrovend zijn, maar ook alle andere te doen gebruikelijke nationale gerechten en familierecepten zijn dat. Hooguit is de rijst gewoon wit en niet rood gekookt in die heerlijke bouillon. Maar dat koken kost dus heel veel tijd. En men kookt veelal ook nog tweemaal daags. Dat impliceert kortom dat de meeste vrouwen een dagtaak hebben aan koken. De afwas nog daargelaten. En ik ken geen enkele vrouw die zich beklaagt over die taak en die voorbestemming.

Balans tussen werk en huishouden

Mijn gescheiden schoonzus in Dakar werkt als schoonmaakster van de OK in een Dakars ziekenhuis. Zij maakt hele lange dagen, vooral door die onmogelijke files in Dakar. Als ze na 5 uur ’s ochtends vertrekt, is ze meer dan 2 uur onderweg, dus neemt ze steevast een godsgruwelijke vroege bus. Meestal is ze per tegen 20 uur ’s avonds dan pas weer thuis. Bij haar afwezigheid managet naar oudste dochter het ontbijt en het middagmaal voor de overige kinderen en alle dagelijkse aanloop van mee-eters, maar die dochter studeert ook. Hoe ze dat cheft, is mij een raadsel, maar respect! Als mijn schoonzus thuiskomt van haar werk, duikt ze meestal meteen de keuken in bij de dochters.

Pasgetrouwd? Jongste bediende!

Dat ritueel zie ik overal waar ik kom. In Dakar en daarbuiten. Mijn jongste schoonzus is getrouwd en na haar trouwen als te doen gebruikelijk ingetrokken bij de familie van haar man. Zij studeerde nog medicijnen en kreeg een baan bij een apotheek. Toen kreeg ze kinderen, staakte ze haar studie, ging ze minder werken en werd ze de jongst bediende in de keuken van haar schoonfamilie. Zo ken ik meerdere getrouwde jonge vrouwen. De enige klacht die ik van hen hoor, betreft de samenwerking in de keuken met de andere vrouwen van de familie. De laatste, de nieuwste aanwinst, is altijd meer of minder de pineut. Moet zich invechten bij haar schoonzussen.

Status aparte: toubabs bij de mannen

Als gast, ook als Westerse schoonzus ben ik gast, heb ik een status aparte. Zit ik bij de mannen, zoons en kleine kinderen. Mag ik, als ik erop sta, best even stampen in een vijzel of roeren in een pan, maar heb ik geen taak. Nu is het best relaxed als mensen zich voor je uitsloven en je daarna heerlijk te eten krijgt, maar ik voel me ook bezwaard. Een toubab, een buitenstaander, die ik helemaal niet wil zijn. Ik wil blenden, integreren, niet opvallen. Maar uren in de keuken sloven, wil ik ook niet…. Al bespiegelend en schuldbewust verbaas ik me over de gang van zaken. Want als koken zoveel tijd kost, wanneer kom je dan toe aan zelfontplooiing – of een carrière? Ik kook bij ons thuis niet voor niets maximaal een half uur per dag. En dan eten we best prima… En heb ik alle tijd om me helemaal suf te ontplooien.

Ambities en persoonlijke groei

De generatie vrouwen van mijn schoonmoeder is veelal ongeschoold. Ongeletterd zelfs. Hoewel mijn schoonmoeder recentelijk alsnog heeft leren lezen en schrijven. Omdat ze dat toch heel graag wilde. Chapeau, mère! Maar de generatie van mijn schoonzussen heeft over het algemeen middelbare school gedaan. En zo heeft m’n jongste schoonzus als gezegd meer dan een halve universitaire studie gevolgd voordat ze er de brui aan gaf. Voor de generatie van mijn schoonnichtjes is onderwijs en studie net zo vanzelfsprekend als voor hun broers. Sterker nog: meer meisjes studeren door. Jongens haken eerder af om te gaan werken. Als het meezit. Er zijn er ook die na een paar jaar school beetje gaan scharrelen in de marge (‘scharreleconomie’) – of dromen van een toekomst in Europa…

Recht op onderwijs

Dus het recht op onderwijs is wel degelijk doorgedrongen, althans daar waar ik kom. Hoe het in de afgelegen binnenlanden is, weet ik niet. Althans heb ik niet met eigen ogen gezien. Ik lees en hoor wel dat vrouwen in de binnenlanden minder toegang hebben tot school en worden gediscrimineerd. Dat zal waar zijn. Het is ook waar dat er veel slechte scholen zijn. En daar hebben meisjes én jongens last van.

Feit is dat kinderen, jongens én meisjes, van 6 tot 12 jaar sinds 1974 leerplichtig zijn. In 1984 is de leerplicht verlengd tot 16 jaar.

Gelukkig kiezen er wel steeds meer meisjes voor een beroepsopleiding of studie en zijn er steeds meer vrouwelijke ambtenaren, bestuurders, parlementsleden en ministers. Research leert dat er wel degelijk activistische vrouwen zijn die strijden voor gelijke rechten en vrijheid. Een aantal van hen wordt vereerd – meer en breder dan Aletta Jacobs in Nederland.

Activisten en feministen door de jaren heen

Een aantal opmerkelijke Senegalese vrouwen hebben hun stempel gedrukt op de geschiedenis van het land. En zullen niet snel worden vergeten, al was het maar omdat menig ziekenhuis of (veer)boot naar hen is vernoemd.

  • Aline Sitoé Diatta (1920-1944): een invloedrijke Djola-leider in de Casamance in de jaren 1940.
    Een verzetsheldin die streed voor de onafhankelijkheid van Senegal – en dus tegen de Franse overheersing. In haar geboortestad Ziguinchor zijn een stadion en ziekenhuis naar haar vernoemd. Ook staat er in diezelfde stad een monument voor Aline plús de nieuwe veerboot tussen Dakar en Ziguinchor (Casamance) draagt haar naam.
  • Aïssatou Cissé: een vrouwenrechtenactivist en momenteel directeur van de Association des Femmes Juristes du Sénégal (Vereniging van vrouwelijke juristen van Senegal). Ze strijdt voor de rechten van vrouwen en kinderen en voert campagne tegen gender gerelateerd geweld, zoals vrouwenbesnijdenis en gedwongen huwelijken.
  • Aminata Touré (1962): een politicus en voormalig minister van justitie (2012-2013) en premier (2013-2014) van Senegal. Ze strijdt tegen corruptie en voor transparantie in de regering. Ook zet ze zich in voor de rechten van vrouwen en kinderen. Ze is inmiddels lid-af van de partij van president Macky Sall, voert oppositie en wil zich kandidaat stellen voor de verkiezingen in 2024.
  • Coumba Gawlo Seck (1972): een populaire zangeres en cultureel icoon in Senegal. In de stad Pikine (Dakar) is een theater naar haar vernoemd.

Maar in het hier en nu ken ik geen feministen of vrouwelijke activisten. En ook in de berichtgeving in Senegalese media gaat het meer over het vooral (jonge) mannelijke verzet tegen de huidige regering dan over een vrouwelijke strijd tegen of voor wat dan ook. Actuele en betrouwbare informatie is sowieso een uitdaging waar het Senegal aangaat.

Wel rechten, maar geen aanrecht

Maar die meisjes die ik meemaak, lijken zich makkelijk, vol overgave, neer te leggen bij hun huishoudelijk lot. Het lot om huishoudelijke taken uit te voeren zonder veel hulpmiddelen, zoals een aanrecht en een fornuis, laat staan keukenmachines. Handige culinaire cadeautjes krijgen een ereplek bovenop de kast, maar worden niet ingezet om het werk efficiënter te maken.

Dolle mina’s

De (jonge) vrouwen die ik ken, hebben nauwelijks ambities, anders dan geld te verdienen voor het gezin c.q. om hun moeder een beetje financieel te ondersteunen. En vooral: voldoende middelen voor nieuwe outfits voor alweer een huwelijk en doopfeest. Maar hun loopbaanfantasie gaat niet veel verder dan hulp in de huishouding bij een Westers gezin in een villawijk. Het lijkt wel om veel vrouwen niet groot durven dromen. Totdat we het idee opperden om straks een eigen restaurantje te runnen in ons dorp Rhazabe. Toen bleken mijn schoonzus en haar kinderen vol ondernemerslust en mega enthousiast.

Gezien de ongelijkheid van mannen en vrouwen zou je een variant van de dolle mina’s verwachten. Op z’n minst dat de vrouwen binnen de familie opkomen voor hun gelijke rechten. Maar als toubab c.q. schoonzus merk ik daar eigenlijk niks van. Ik pols de vrouwen in de familie regelmatig, maar verneem geen wanklank, hoor geen ongenoegen, ervaar geen jaloezie ook. Misschien maakt zo’n voorbestemming het leven ook wel overzichtelijk. Maar als toubab hoop ik dat de vrouwen voldoende keuzevrijheid ervaren.

Vooruitgang

Ondertussen is er wel degelijk vooruitgang. Meisjes hébben recht op onderwijs. Leerplicht zelfs. De Senegalese overheid, ngo’s en diverse particulieren hebben projecten lopen om meisjes te ondersteunen tijdens hun schoolcarrière en daarna. En bijvoorbeeld om hen met een microkrediet op weg te helpen een eigen bedrijfje op te zetten. Een van zo’n particulier initiatief is Kakaran.

Wil je een kind naar school helpen en een toekomst geven?

Word dan donateur van de stichting Kakaran! Kakaran helpt al 25 jaar Senegalese kinderen van wie de ouders het schoolgeld of boeken niet kunnen betalen. Of die ver van een school wonen en geen geld hebben voor vervoer.

En vrouwen hebben net als mannen het recht op echtscheiding.
Intellectuele, vaak in Frankrijk afgestudeerde vrouwen zetten zich niet zelden in om hun gendergenoten te empoweren. Maar in mijn optiek is de kloof tussen die hoogopgeleide vrouwen en de rest groot. Al was het maar omdat die vrouwen veelal hoge functies bekleden, net als hun echtgenoot, en het huishouden uitbesteden aan een ‘bonne’, een werkster tevens kokkin. Dan heb je wel makkelijk praten….
En Marème Faye Sall, de eerste vrouwelijke arts die zich inzet(te?) voor betere gezondheidszorg, prenatale zorg en gezinsplanning en het belang van vaccinaties promoot, is sinds ze first lady is (haar man, Macky Sall, is sinds 2012 president) het spoor wat bijster. Van voorbeeld voor veel vrouwen is ze nu omstreden onderdeel van het nepotisme van haar man, de president – en lijkt ze vooral geïnteresseerd in geld, veel geld en luxe, véél luxe.

Dagelijkse praktijk

Blijft dat vrouwen ook in Senegal een paar biologische en culturele nadelen hebben: wie verliefd wordt, loopt het risico zwanger te raken. Wie trouwt, heeft zomaar een hele zwerm kinderen. Wie pech heeft, trouwt een man die het niet zo nauw neemt met de huwelijkstrouw, dan wel een polygaam huwelijk voorstaat. Polygamie mag in Senegal, maar de jonge generatie kiest vaker voor een althans op papier monogaam huwelijk. Al was het maar omdat meer dan één vrouw, meer dan één gezin, onderhouden met de huidige prijzen vrijwel ondoenlijk is voor een gewone sterveling. Los daarvan: sommige vrouwen hebben het naar het schijnt heel gezellig met hun co-echtgenote. En hebben dankzij een co-echtgenote af en toe hun handen vrij. Kunnen de helft van de tijd andere dingen doen dan kinderen verzorgen en koken… Dus lang niet alle vrouwen zijn tegen polygamie.

En -HELAAS- ook in Senegal zijn er mannen die vrouwen misbruiken, mishandelen, ombrengen zelfs. Dat is kennelijk een universeel probleem. In Senegal niet meer dan dichterbij huis…

Wat godzijdank (sinds 1999) bij wet verboden en strafbaar is, is vrouwenbesnijdenis. Maar voorlichting daaromtrent is nog steeds nodig. Net als seksuele en gezondheidsvoorlichting.

Al met al krijgen vrouwen minder en ook later kinderen. Trouwen ze gemiddeld later en meer vanuit liefde. En kiezen ook jonge vrouwen steeds vaker hun eigen pad.

(Mannen-)emancipatie

Gezien mijn ervaring met en verbazing over het gebrek aan ambitie en emancipatie van de vrouwen in mijn schoonfamilie en de meeste vrouwen van Ibrahims vrienden, is het op de keper beschouwd best bijzonder dat mijn man bijzonder geëmancipeerd is. Ik kan niet anders zeggen dan dat Ibrahim ook wat dat betreft perfect is ingeburgerd. Beter dan menig Nederlandse man. Hij kookt graag, doet graag boodschappen en draait zijn hand er niet voor om welk huishoudelijk klusje dan ook voor z’n rekening te nemen. En niet omdat ik dat vraag, maar omdat hij dat logisch vindt.

En: hij staat bij ons thuis regelmatig uren in de keuken om thieboudienne of een ander smaakvol Senegalees gerecht te bereiden. Geheel volgens familietraditie. Soms voor gasten, maar vaker nog voor ons tweetjes. Met een snufje nostalgie misschien, maar altijd vol trots. En al zijn broers zijn net zo, althans die in Europa wonen. Grote broer in Dakar is van het oude stempel en kan nog geen ei koken. Ibrahims jeugdvrienden geloven hun oren niet als Ibrahim vertelt dat hij niet alleen graag, maar ook vaak kookt. Ik moet dat regelmatig bevestigen en dan nog is er fotografisch bewijs noodzakelijk om ze te overtuigen.

Maar mij hoor je niet klagen.

@Loïs Diallo: 9 april 2023

Deel het artikel

Volg mij op

Laat een reactie achter

2 reacties

  1. Een mooi verslag weer over jouw belevenissen Lois ,zo een kijkje in jullie leven daar over de vrouwen die zo gewillig het eten bereiden en het lijkt of het feest is voor ze ,zo met elkaar ,het hechte familieleven.
    Wat een lust voor het oog hun kleding in de mooiste kleuren en patronen.

    Het past alles het dagelijks leven zo in elkaar, behalve dat de vrouwen zich aanpassen en niet de vrijheid nemen alsnog om een carrière of studie te beginnen Op enkele na
    LF’s Margarita 🌸

    1. dank voor je reactie weer, Margarita. Leuk te lezen dat jij de blogs leuk vindt om te lezen! Inderdaad, Senegal en haar inwoners zijn een lust voor het oog. Tot de 16e! XL

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Lees alle blogs