Op familiebezoek in Dakar

De uitgebreide feestmaaltijd wordt zoals altijd geserveerd op een grote schotel op een kleed op de vloer. Het kolossale zwart lederen bankstel dient als rugleuning. Voor mij heeft mijn schoonfamilie een laag houten krukje in petto, maar ik wil geen status aparte en neem als de anderen plaats op de grond. Als iedereen zit en een stuk brood heeft gekregen, vallen we aan. Mijn eerste thieboudienne deze reis. Elke keer als ik kom, elke keer als er visite komt, maakt mijn schoonfamilie dit traditionele Senegalese gerecht. Ik eet m’n vingers er bij op.

Mijn schoonzus woont in Dakar, de hoofdstad van Senegal. Samen met haar 4 kinderen heeft ze een ruim, modern huur-appartement. Ze is schoonmaakster op de OK in een groot ziekenhuis en leeft van een klein salaris en een beetje hulp vanuit de diaspora. Sinds een paar jaar is ze gescheiden. Af en toe brengt de vader van haar kinderen een 50 kilozak rijst en een 10-liter-fles arachideolie bij wijze van kinderalimentatie.

Moderne wc-pot zonder bril

Het appartement is ruim en modern, dat wil zeggen: er is een woonkamer en een keuken, schoonzus en haar 2 dochters hebben in theorie allen een eigen slaapkamer-en-suite, de jongens hebben samen een slaapkamer en er zijn 2 balkons. In theorie, want meestal logeren er allerlei mensen, net als Ibrahim en ik nu, en slaapt men samen in een kamer of op de kolossale bank in de woonkamer. Modern, want voorzien van 3 badkamers met een Europese toiletpot, wastafel en douche. Helaas werkt het stromende water niet, dus staat er in elke douche een enorme bidon water met een emmertje. De elektra is ook kapot, dus als ik naar de wc wil, doe ik een hoofdlampje op. En omdat ik niet op een kale pot wilt zetten, heeft Ibrahim op de markt een plastic wc-bril voor me op de kop getikt.

Keuken zonder aanrecht

Verder is er een ‘keuken’: een ruimte met daarin een gasfles om op te koken en een aanrecht, althans een wasbak. Ook hier komt geen water uit de kraan. Ook hier geen stroom en dus geen licht. Mijn schoonfamilie maakt het allemaal niet uit. Die zijn gewend aan de duisternis, snijden groenten en vlees ook in het donker in hun hand, koken in één pan tegelijk, doen de afwas in een grote teil koud water met Omo. En leveren topkwaliteit thieb en welk ander traditioneel gerecht dan ook!

Gemeenschappelijk sanitair

Toen ik voor de eerste keer bij hen op bezoek kwam, in 2010, woonde ze nog niet zo riant als nu. Schoonzus, echtgenoot en hun 4 kinderen hadden een kamer in een ‘appartementencomplex’.  In dat complex hadden een stuk op 20 families een kamer van zo’n 20m2. Voor die 20 families waren er 2 gemeenschappelijke toiletten annex douche; ruimtes met een gat in de vloer om je behoefte te doen en jezelf te wassen met een van de gang meegenomen emmer water. De deur kon niet dicht. Als ik naar de wc moest, vroeg ik een nichtje om voor de deur de wacht te houden… 

En: in het complex was geen keuken. De vrouwen des huizes kookten op gasbrandertjes ergens in een gang voor hun familiekamer. Alle voorbereidende werkzaamheden gebeurden gezeten op zo’n houten krukje op de vloer. Ik wilde me ook toen niet laten kennen en af en toe een handje helpen in de ‘keuken’, maar mijn Westerse rug protesteerde keer op keer hevig. Net als nu, na 10 minuten thieboudienne op de vloer: m’n beide voeten slapen en m’n benen krampen, maar ik geniet met volle teugen.

Koken op de gang

Dat pand waar mijn schoonfamilie in 2010 woonden, is nu afgebroken. De nieuwbouw in Dakar is een vooruitgang. Maar de meeste mensen die wij in Dakar kennen, wonen niet zo riant als mijn schoonzus en haar kinderen. De meeste mensen delen een familiehuis. Elk gezin een kamer (wel vaak ‘en-suite’), voor ouders en kleine kinderen samen. Woonkamer delen ze met de familie, meestal de ouders en broers van de man. De schoonzussen delen samen een ‘keuken’, een stuk gang waar men kookt op een grote gasbrander. Soms is er een binnentuin of balkon om te koken of te grillen op vuur.

Segregatie

Die appartementen staan boven op elkaar. Een tuin heeft vrijwel niemand. Met een beetje geluk heb je een ‘straat’, dat wil zeggen een zandweg waar een auto doorheen past. Veel ooit straatjes zijn nu een helemaal volgebouwd doolhof van steegjes. Pleintjes en sportveldjes zijn er al lang niet meer. Een van de redenen is dat de huizenprijzen in Dakar de pan uit rijzen. Een beetje (simpel) appartement kost zo 150 euro. Een gemiddeld salaris is ook 150 euro. Een appartement naar Europese standaard kost minstens 750-1000 euro. De segregatie in Dakar in enorm. In de betere buurten, met betere appartementen en een beetje groen in de vorm van bomen op straat, wonen uitsluitend rijke mensen; hoge Senegalese omes en expats. In ommuurde villa’s met enge waakhonden en bewakers op straat. Verboden voor gepeupel. Verboden voor het volk.

Lees ook mij blog Dakar – vies, vol en verzadigd

Stad uit

Langzaam maar zeker vertrekken heel veel Dakarois de stad uit. Niet per se naar villa’s, maar gewoon weg van die verstikkende drukte. Net als de kantoren van de hoofdstad, die verhuizen ook steeds meer de stad uit, naar buitenwijken. En de nieuwe stad Diamniadio. Buiten Dakar is Senegal bijzonder goed toeven. Vooral in de kustprovincies waar het wat koeler is dan in de binnenlanden. En in de groene binnenlanden. Maar niet alle binnenlanden zijn groen. Er is ook veel droog, savanne-achtig gebied, waar de grond minder te bieden heeft zonder fatsoenlijk irrigatiesysteem. Tot en met woestijngebieden aan toe.

Werk aan de winkel

Ons huis-in-aanbouw staat 3 kwartier noordwaarts van Dakar, op 10 minuten van de kust. Omringd door gevarieerde natuurgebieden: een savanne-achtig duin, een mangrove-lagune en een baobab-bos. Aan de rand van een rustig dorp waar vooral boeren en bouwvakkers wonen en vlakbij een vissersdorp. Veel van onze nieuwe buren woonden en werkten tot een aantal jaren terug in Dakar. En zijn weer teruggekeerd naar hun geboortegrond. En dat kan, want er liggen ook buiten de hoofdstad kansen voor het oprapen. Er wordt veel gebouwd en gedaan. Het ontwikkelingsland is in ontwikkeling. Maar lang niet zo veel als zou kunnen en moeten. Onder meer omdat er heel veel door de regering te investeren geld aan de strijkstok blijft hangen. Gelukkig zijn er heel veel grote, maar vooral kleine particuliere bouwprojecten. Sommigen smaakvol, sociaal en nuttig, andere minder smaakvol en minder sociaal en nuttig. Veel familiehuizen, maar ook veel bedrijfsruimtes en winkeltjes. Al met al moderniseert het land rap. En al die bedrijvigheid betekent werk – én geeft de burger moed. Senegal komt er wel.

@Loïs Diallo: 5 oktober 2023

Deel het artikel

Volg mij op

Laat een reactie achter

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Lees alle blogs