Van onze ontmoeting op Gorée tot parttime emigratie x2

In 2010 bezocht ik als toerist Senegal. M’n ontgroening in West-Afrika. Dag 1: per chaloupe (staatspont) van Dakar naar Gorée. Veel toeristen aan boord, die na aankomst vrijwel zonder uitzondering zoals aanbevolen door elke reisgids via de linker route Gorée opliepen: allée des Baobabs die langs vele kunstgalerietjes naar het castel bovenop de heuvel leidt. Dus ik wilde rechtsom.

Over een terrakleurig zanderig voetbalterrein rondom een baobab (!). Na een paar indrukwekkende, vervallen, dus fotogenieke koloniale gebouwen, waaronder het voormalig ziekenhuis, stuitte ik op een ‘galerie’. Een binnenplaats onder een enorme boom met rondom vrolijke schilderijen. En een nog vrolijker galeriehouder, tevens artiest, maker van alle geëxposeerde schilderijen, heette me welkom. Hij gaf een rondleiding langs de schilderijen en overlaadde me met filosofische theorieën over verbondenheid, vrijheid, wereldvrede en liefde. Zo maakte ik kennis met Ibrahim, of eigenlijk: hier zagen en herkenden we elkaar. Vanzelfsprekend aanvaardde ik zijn uitnodiging voor een muzikaal samenzijn die avond.

Over verbondenheid, vrijheid, wereldvrede en liefde

Na mijn bezoek aan deze galerie en deze artiest volgden er die dag vele, want Goree is één en al openlucht expo van allerhanden artiesten. Die avond na een smaakvol visje op het mooiste terras met zeezicht van Goree meldde ik me weer bij Ibrahims galerie. Akoestische muziek met gitaar en zang verraadde waar hij en zijn vrienden op dit tijdstip vertoefden. Kippenvel! Hoe gezellig ook, de vrienden togen al snel huiswaarts. Uren zaten we samen te kletsen, om niet te zeggen te filosoferen over van alles en nog wat, op een stenen bankje met uitzicht op Dakar. Rond middernacht liepen we hand in hand naar mijn hotelkamer in een oud koloniaal gebouw behorend bij Gorée’s oudste hotelrestaurant, hostellerie du Chevaliers des Boufflers, waar Ibrahims vader vroeger chefkok bleek te zijn geweest. (Dit hotelrestaurant is tijdens de corona helaas failliet gegaan; het schitterende maar vervallen gebouw staat nu leeg.)

Na het ontbijt bij Boufflers zocht ik Ibrahim logischerwijs weer op. Samen bewandelden we de randen van het eilandje. ’s Middags serveerde Ibrahims stiefmoeder die in het voormalige ziekenhuis bleek te wonen een overheerlijke thieboudienne-voor-twee. En zij zag en wij wisten dat het goed was.

Een paar maanden en een telefoonrekening van duizend euro later kreeg Ibrahim wonder boven wonder een Schengen-visum en mocht hij voor 3 maanden naar mij in Amsterdam komen. Hoe gezellig het weerzien ook, een appartement in Amsterdam is heel wat anders dan een thuis op Gorée, of waar dan ook in Senegal. Vergeleken met het leven daar is Nederland en zeker Amsterdam SAAI. Kil en koud en stil op 5 hoog met centrale verwarming – en achter een gesloten voordeur. Maar met een paar potten acrylverf en een goedkope akoestische gitaar amuseerde Ibrahim zich prima als ik aan het werk was. De 3 maanden vlogen voorbij.

Verhuizing van Senegal naar Nederland

De jaren die volgden vlogen we regelmatig op en neer. Ik naar Dakar/Goree, Ibrahim naar Amsterdam. Samen bereisden we Senegal en Nederland. Op zoek naar de ideale plek om ons samen te settelen. Wegens gebrek aan woning in het paradijselijke Senegal en spaargeld (ik was na de bankencrisis zo goed als bankroet) om er een van te bouwen, besloten we tot een tussenstap: samenwonen in het kille Nederland. Om te werken, geld te verdienen, te sparen. Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan! Voor wat hoort wat in Nederland. Om recht op verblijf te verdienen, moet je eerst inburgeren: Nederlands en meer leren en examens doen op de ambassade in Senegal. Zulks geschiedde – die geschiedenis beschrijf ik in mijn blog ‘Hoezo ‘inburgeren’?

Eind 2012 verhuisde ik van een (te, véél te) duur appartement aan het Amsterdamse IJ naar een goedkoop huisje in het Friese gehucht Achlum. Begin 2013 waren wij als man en vrouw gerechtigd tot samenleven in Nederland. En zulks geschiedde. In de ‘kunstenaarskolonie’ Achlum (7 kunstenaars op 400 inwoners) richtten we wederom een muziek studio’tje en atelier annex galerie in. Af en toe had ik werk in Noord-Holland en af en toe verkocht Ibrahim een schilderijtje aan een van de import-buren in Achlum (geboren Friezen (‘diepfriezen’) hebben andere dingen aan de muur dan kleurrijke Afrikaanse schilderijen)…

Ingeburgerd mede dankzij geweldige buren

Met hulp van een tweetal ongelooflijk lieve (import)buren lukte het Ibrahim om Nederlands te leren en alle vereiste inburgeringsdiploma’s te halen. En om een taalstage te doen als conciërge bij een ROC in Harlingen, die Ibrahim na 3 maanden een baan aanboden. Dat aanbod en een aantal geweldige buren ten spijt, besloten we na anderhalf jaar te verhuizen naar Den Haag. Daar had ik werk gevonden en daar waren mijn moeder en zus. En daar waren hopelijk ook meer klanten voor vrolijke en kleurrijke schilderijen, waarvan er een bus vol mee naar de residentie verhuisden. We openden zelfs een pop-up galerie in het centrum!

Theorie-examen CBR 10 keer moeilijker dan inburgeringsexamen

In de residentie schreef Ibrahim zich in bij de Kamer van Koophandel. Als kunstenaar, atelier annex expositieruimte Lodia Art. We maakten een website voor Lodia Art en ontdekten een subcultuur voor Afrikaanse cultuur in ons kikkerlandje. Vooral in het voorjaar exposeerde Lodia, Ibrahims artiestennaam (omkering van de lettergrepen van ons beider achternaam Diallo), op Afrikafestivals in de Randstad en daarbuiten, vooral in het oosten en zuiden. Een nadeel: ik was niet alleen personal assistent, secretaresse, manager en webbeheerder, maar ook chauffeur. Naast m’n eigen fulltime opdrachten. Ibrahim kon niet wachten dat hij zelfstandig naar markten kon, maar dat theorie-examen van het CBR was een enorm struikelblok. Niet te doen voor een nieuwkomer! Maar de 11e keer wist Ibrahim, held, te slagen voor dat verdomde examen. Mijn klachten bij én aanbod aan het CBR om het theorie-examen te herschrijven naar normaal menselijk Nederlands bleven onbeantwoord. Vermoedelijk zou mijn examen-variant minder geld in het laatje brengen…

Klantenkring kunst én klusbedrijf groeit gestaag

Inmiddels reist hij heel Nederland en half West-Europa af om zijn kunst te exposeren op Afrika-festivals. Hij heeft er nog net zo veel lol in als destijds op Gorée om praatjes te maken met potentiële klanten. Sterker nog: hij heeft ook een groeiend aantal vaste klanten. Die waaien gezellig aan als Lodia in de buurt exposeert en sommigen hebben een huis vol kleurrijke Lodia’s.

Edoch, anders dan in Senegal kun je -uitzonderingen daargelaten- in Nederland niet leven van kunst, althans Lodia niet. Na een reeks verhuizingen, steeds grotere verbouwingen en een partnerschap met een bevriende aannemer, heeft Lodia zijn werkzaamheden verbreed tot huisschilder en klusjesman. Zijn klantenkring groeit gestaag.

Werken in Nederland, samenwonen in Senegal

Zijn ervaringen als aannemer in Nederland komen inmiddels ook bijzonder goed van pas voor ons huis-in-aanbouw in Senegal. Want al die jaren keihard werken, heeft ons geen windeieren gelegd. Het is gelukt om een stukje grond aan te schaffen, ons droomhuis te ontwerpen en in de coronatijd via Whatsapp vanuit Nederland een bouwteam in Senegal aan te sturen. Hoe dat in z’n werk is gegaan, lees je in mijn blog Droomhuis gezocht – gebouwd – gevonden.

Het lijkt erop dat onze droom, samenwonen in Senegal, eind 2023 realiteit wordt. Maar dit voorjaar en deze zomer eerst nog even werk aan de winkel! Van Brussel via Amsterdam tot Hengelo: Lodia komt naar je toe dit voorjaar!

@Loïs Diallo: 6 mei 2023

Deel het artikel

Volg mij op

Laat een reactie achter

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Lees alle blogs